“Fokkerij is dat wat er vóór zit”

 

In dit bedrijfsverslag staan we stil bij het bedrijf van iemand die zich met recht een ervaren Blondefokker mag noemen. Jos Bax uit het Brabantse Luyksgestel, voorzitter van Studieclub Zuid, houdt zich namelijk al bijna 20 jaar bezig met de Blonde d’Aquitaine fokkerij. Hij heeft in deze jaren een eigen visie ontwikkeld op de manier waarop hij met de fokkerij bezig wil zijn. Bij deze visie zal uitgebreid worden stilgestaan. Naast zijn visie zal er een beschrijving worden gegeven van het bedrijf.

 

Jos is getrouwd met Gerda en heeft twee kinderen: Mark en Jolanda. In het dagelijks leven werkt hij op de High Tech Campus van Philips in Eindhoven als Engineer Electronic Technology.

 

Oog voor generaties

Na eerst schapen te hebben gehouden werden er zo’n 25 jaar geleden enkele dikbilkalfjes gekocht. Daarna kocht Jos enkele roodbonte vaarzen die waren gedekt met Belgisch Witblauwe stieren. In die tijd had hij nog geen eigen stal. Via zijn toenmalige dierenarts, oud-stamboekvoorzitter Ton Hartman, werd zijn interesse voor de Blonde d’Aquitaines gewekt. Jos: “Door regelmatig bij Ton en Peter over de vloer te komen en met hun naar keuringen te gaan werd mijn interesse voor deze grote en statige dieren gewekt. Verder maakten het geboortegemak en de snelle groei mij zo enthousiast dat ik twee Blondes kocht, weliswaar zonder papieren.” Al snel kwam Jos erachter dat het niet meeviel om met matig materiaal de dieren te fokken die op de keuringen te zien waren en die hij zelf voor ogen had.  Er werden 15 jaar geleden twee stamboekdieren gekocht, die Jos in 1993 liet inpunten. In de periode daarna kwam Jos regelmatig in Zuid-Frankrijk. Dit heeft een impuls gegeven aan zijn visie op de Blonde d’Aquitaine fokkerij. Jos vertelt: “In Zuid-Frankrijk zag ik de Blondes waaraan je kunt zien dat er fokkerij voor zit. Dit is volgens mij het belangrijkste. Het komt namelijk regelmatig voor dat er uit toppers geen toppers gefokt worden, maar dat de tweede of derde generatie het wel laat zien. Daarom is mijn stelling: fokkerij is dat wat er vóór zit. Als er zes goede generaties voor een koe zitten, komt er altijd goede fokkerij uit.”

 

 

Unieke bloedlijnen

Jos is enige tijd doorgegaan met het doorfokken van de aangekochte dieren. Vijf jaar geleden heeft hij voor zichzelf een besluit genomen. Hij licht dit toe: “Vijf jaar geleden heb ik tegen mezelf gezegd dat ik vanaf dat moment Blondes wilde gaan fokken die tegen de top aan zitten of top zijn, in ieder geval mijn ideale Blonde. Ik wil meer Franse lijnen in mijn veestapel hebben. Als ik Blondes heb met unieke Franse bloedlijnen waar ook nog eens goede fokdieren uitkomen, dan heb ik iets speciaals in Nederland.” De mogelijkheid om in Frankrijk Blondes te kopen had Jos via Ton Hartman en Peter Thissen. Er werd o.a. fokstier Ugo (v: Repi) gekocht bij Labat. Vader Repi had volgens het Franse puntensysteem maar liefst 90 punten. Ugo gaf veel fijnheid en vlees door aan zijn nakomelingen. Uit de kruising van Ugo en Uropine (v: LePrince, m: Roquepine van Jo Sas) fokte Jos de stier Chardon. Deze werd in 2007 Nationaal Kampioen in Mariënheem bij de stieren tot één jaar. Naast Ugo werden er twee kalfjes bij Labat gekocht. Jos baseerde deze aankopen vooral op de achtergrond: “De vader- en moederdieren spraken mij erg aan. Door je hier op te richten loop je natuurlijk wel het risico dat de dieren zelf niet helemaal aan je verwachtingspatroon voldoen. Maar ik hield vast aan mijn visie, dat goede lijnen er altijd een keer uitkomen.” Deze visie bleek zeker voor deze aankoop de juiste, want in 2007 werden deze dieren nummer 1 en 2 in de rubriek in Mariënheem. Eén daarvan, Ballerine, werd zelfs reservekampioen bij de vrouwelijke dieren van 1 en 2 jaar.

 

Belangrijke punten

Eind 2007 werd een nieuwe Franse aankoop gedaan. Samen met zoon Mark, die de Blondes overigens ook steeds leuker begint te vinden, werd er een jong fokstiertje (Crak, zie kader) gekocht bij Patrick Sazy. Ook bij deze aankoop is sprake van een zeer goede bloedvoering: vader Ultan is in Frankrijk rubriekskampioen geweest en moeder Proselpine is een elitekoe. Wat vindt Jos belangrijke punten voor een Blonde d’Aquitaine? Jos antwoordt: “Karakter is het belangrijkste. Ik heb de koeien voor de hobby en dan moet het geen gevecht worden. Goed beenwerk, zowel qua fijnheid als hardheid, zijn ook van groot belang omdat ze bij mij aan de ketting moeten staan.” Jos benadrukt, dat ook het beenwerk van de BAC-stieren wat hem betreft een aandachtspunt mag zijn. Hij vervolgt: “Een Blonde moet een lange, niet te brede kop hebben. De ruimte tussen de horens moet ongeveer gelijk zijn aan de breedte van de bek. Verder vind ik een iets donkere kleur en afkalfgemak belangrijke punten.” Bij dit laatste punt wordt wat langer stilgestaan. Jos benadrukt, dat grote en zwaardere dieren over het algemeen ook grote en zwaardere kalveren kunnen geven. Op zich hoeft dit volgens hem geen probleem te zijn, maar het is wel een signaal waarvoor je extra op je hoede moet zijn. Tenslotte geeft hij aan, dat breedte in het bekken en draagtijd ook belangrijk zijn met betrekking tot het afkalfgemak. In de stal hangt overigens een infrarood camera. Zo kan er vanuit huis gelet worden op koeien die moeten afkalven, deze koeien moeten volgens Jos namelijk niet gestoord worden.

 

 

Uitbreiding

Na uitgebreid te hebben stilgestaan bij de visie van Jos Bax op de Blonde d’Aquitaine fokkerij nu wat aandacht voor het bedrijf zelf. De dieren lopen op 3,5 ha gras, waarvan 2,5 ha in eigendom en 1 ha pacht. Samen met een andere Blondefokker wordt er 1 ha maïs gevoerd, hier wordt twee seizoenen mee gedaan. Voor de winterperiode wordt er 3 ha Italiaans raaigras gekocht (groenbemester op maïsland). Dit gras geeft een dikke stengel, hetgeen meer structuur aan het voer geeft. Verder krijgen de koeien brok en mineralen gevoerd. Vroeger werden er nog wel dieren geslacht voor de eigen consumptie, tegenwoordig wordt alles verkocht voor de fokkerij. De stal biedt ruimte aan 7 aangebonden plekken voor koeien, 2 aangebonden plekken voor het jongvee en een stierenhok op stro dat ook voor een zoogstel gebruikt kan worden. Jos is met de gemeente bezig om te kunnen uitbreiden: “Ik zou graag 12 meter bij de huidige stal aanbouwen. Deze ruimte zou ik dan gebruiken voor strohokken. Zo kan ik de goede koeien langer houden, omdat ze anders op den duur last krijgen van de benen.” Jos zou graag zijn hobby voor langere termijn voortzetten: “Ik hoop dat ik op deze manier nog 20 jaar door kan gaan. Als ik 60 jaar ben zou ik graag stoppen met werken en de Blondes als hobby houden. Ik kan me een leven zonder Blondes namelijk niet voorstellen.” Hopelijk kan Jos de gewenste uitbreiding realiseren en nog lang doorgaan met zijn prachtige hobby. 


De Blonde 2008